|

Peter Stapfer is mede-oprichter en commercieel directeur van Diezel Amplification. Dit Duitse merk van gitaarversterkers en speakerkasten is al jaren een gerenommeerde naam. Stapfer vertelt over de impact van de economische crisis, de druk om de kostenefficiëntie te verhogen en de mogelijkheden om de Diezel-productie naar het buitenland te verhuizen.
Hoe gaat het jaar tot nog toe? Voelen jullie bij Diezel veel van de economische crisis?
Peter Stapfer: Het gaat eigenlijk redelijk goed. Als je de kosten onder controle houdt, en niet de grootst mogelijke winsten verwacht, kan je wel door de crisis heen raken. Dat is dan ook onze prioriteit voor de komende jaren.
Gelukkig doet Diezel het ondertussen goed in de Verenigde Staten, veel beter dan enkele jaren geleden. De VS was van in het begin belangrijk voor ons omdat het toch de thuisbasis van de rockmuziek is, naast het Verenigd Koninkrijk. Veel Europese gitaristen worden zo beïnvloed door de Amerikaanse muziekscene, en door de instrumenten en versterkers die de Amerikaanse bands gebruiken op de grote Europese zomerfestivals. Voor onze langetermijnvisie was succes in de VS dus altijd al belangrijk.
In de periode 2005-2007 hadden we al enkele sterke jaren in de VS ter bezegeling van onze - ondertussen toch al zeventienjarige - relatie met de Amerikaanse klanten en dealers. Na zo'n periode mag je toch al spreken van een lange termijn. In 2008 liet de economische crisis zich voelen, vooral in onze Spaanse en Amerikaanse export. Ook de sterke euro en de zwakke dollar speelden in ons nadeel op de Amerikaanse markt. De schade voor Diezel is gelukkig beperkt gebleven, ook omdat we veel onderdelen bij Amerikaanse leveranciers bestellen. Een voordeel van onze internationale werking.

De lampen in de Herbert zijn vervangen door 6550's. Wat was de reden voor die omschakeling?
PS: We hebben die lampenwissel gedaan omdat de EL34's, die we jaren gebruikt hebben, naar onze normen niet meer betrouwbaar genoeg waren. Toen hebben we beslist de 6550's te gebruiken. Dat ging enkele maanden goed, tot de fabrikant iets veranderde aan de samenstelling van de lampen. En dat was nefast voor de kwaliteit van de 6550’s, dus moesten we opnieuw op zoek naar andere lampen. Ondertussen had de Chinese fabrikant een nieuwe EL34 uitgebracht die, in tegenstelling tot het vorige type, wel zeer betrouwbaar is. Dus zijn we weer overgeschakeld op EL34’s, omdat die toch beter klinken in de Herbert. Maar zelfs als de 6550's beter klonken zou ik ze niet gebruiken. Onze zoektocht is die naar een lamp die goed klinkt, én zeer betrouwbaar is.
En dan is er spijtig genoeg weinig keuze, want er zijn steeds meer problemen met de lampen. Je kan het risico wel verkleinen door bijvoorbeeld de plate voltages in de versterker aan te passen, of bepaalde onderdelen op 70% van hun capaciteit te gebruiken. Maar dan boet je in aan geluidskwaliteit en dynamiek. En uiteraard mag onze productkwaliteit niet aangetast worden door problemen met de lampen.

Er is ook een nieuwe optie speakers in jullie speakerkasten: naast de ouwe getrouwe Vintage30 kan je nu ook G12K100’s en Hempcone speakers krijgen. Vanwaar die keuze?
PS: Er zijn zoveel verschillende stijlen, met elk een eigen geluid. De juiste speakerkast is heel belangrijk om dat geluid te krijgen. De laatste jaren is dat verschil groter geworden als gevolg van lagere stemmingen, en gitaren met zeven of acht snaren. Het frequentiebereik van die gitaren is heel anders dan bij gitaren in een traditionele stemming, en de beste speaker is dan ook vaak een andere dan voor een ‘traditionele gitaar’. Daarom gebruiken we nu ook speakers die lagere stemmingen beter de baas kunnen.
Daarnaast willen we ook de ‘gaten’ in ons assortiment opvullen met nieuwe versterkermodellen, zoals de Einstein en de Schmidt. Ze zijn gericht op stijlen waarvoor de VH4 en de Herbert - onze bestaande modellen - niet echt geschikt zijn. Veel van onze klanten houden van oude rockmuziek en de bijhorende gitaargeluiden, en daar zijn we dan mee aan de slag gegaan. Voor Peter Diezel en mij is het soms echt een soort speeltuin, maar we willen vooral topkwaliteit producten leveren. Zo is er ook veel vraag naar een rack-voorversterker, maar daar zijn we nog niet concreet mee bezig. Dat is misschien iets voor volgend jaar.
Je moet ook rekening houden met de kostenefficiëntie. In principe doen we alles om onze producten zo goed mogelijk te laten klinken, maar onze middelen zijn beperkt. Neem als voorbeeld de VH4: een handgemaakte versterker waar we veel te lang aan sleutelen. Zo’n VH4 neemt dus heel veel tijd in beslag in onze productiefaciliteit, en dat is niet echt efficiënt. Omdat de VH4 zo belangrijk is - o.a. James Hetfield van Metallica gebruikt hem - gaan we die versterker zeker niet uit productie halen. En terwijl er opties zijn om de VH4 veel sneller te bouwen, doen we dat niet omdat de versterker dan waarschijnlijk iets anders zou klinken.
Als gevolg daarvan zullen we de prijs van de VH4 in de toekomst wel moeten verhogen. Een andere reden voor de prijsstijging is dat in bijna tien jaar we geen prijsverhoging meer hebben doorgevoerd, terwijl de prijzen van de onderdelen en de vaste kosten wel erg gestegen zijn. We moeten dus de prijs van de VH4 serieus verhogen en een andere optie zoeken om voor deze prijs een vierkanaalsversterker aan te bieden; daar zijn dan ook plannen voor. In die versterker zal de twintig jaar ervaring van Peter Diezel verwerkt zitten. Zo kunnen we zonder aan geluidskwaliteit in te boeten ook de productie optimaliseren en de prijzen stabiel houden.

Is een verhuis van de productie naar China dan geen optie?
PS: Nee, dat hebben we zelfs nooit overwogen. Diezel wil enkel kwaliteitsproducten maken, het is dus echt niet nodig om andere bedrijven naar China te volgen. Er is misschien een voordeel wat winst betreft, maar er zijn zoveel nadelen. We hebben bijvoorbeeld jaren geleden onze speakerkasten in de VS laten maken: goede kwaliteit, goede prijs, en een grotere winstmarge dan in Duitsland. Maar we moesten wel steeds naar de VS om de productie te controleren. In je eigen bedrijf los je een probleem onmiddellijk op, en kan je kort op de bal spelen. Maar als je afhangt van een leverancier, weet je niet hoe lang het zal duren eer de veranderingen worden toegepast. Onze eigen productiefaciliteit is duurder, maar we zijn zo veel flexibeler.
Wat China betreft: zeg nooit nooit, maar ik ben in dit geval 99,9% zeker dat we het niet zullen doen; ik zie er het nut niet van in. Ik weet zeker dat je met de juiste mensen op de juiste plaats een even goed product kan maken, zelfs als je alles uitbesteedt. Maar je moet wel helemaal zeker kunnen zijn dat de producten over vijf jaar nog steeds voldoen aan de kwaliteitseisen. Als er morgen iemand komt die het product kan maken aan halve prijs, zonder dat de kwaliteit eronder lijdt: fantastisch. Maar momenteel is dat geen optie.

Frankfurt Musik Messe 2010, vlnr: Peter Diezel, Peter Stapfer & A-C
Een betere optie zou een ‘nieuw’ Europees land zijn, zoals Malta. We zijn daar al fabrieken gaan bezoeken, en de faciliteiten zijn uitstekend. Malta telt veel hooggeschoolde arbeidskrachten die aan een competitievere prijs kunnen werken dan in Duitsland, dankzij interessante fiscale regelingen en staatssteun. Bovendien is de kwaliteitsstandaard er goed, en kost het me slechts twee en een half uur om er te raken. Ook de verzendingskosten zijn een stuk lager, waardoor de uiteindelijke prijs zeer vergelijkbaar wordt met die van Chinese fabrieken. Tot slot is het voor ons ook belangrijk dat we in dezelfde munteenheid werken - want zo steunen we de euro - en dat we niet verhuizen naar een land dat een totaal andere kijk heeft op economie.
Het blijft een moeilijk onderwerp, maar kostenefficiëntie is voor elk bedrijf belangrijk. Velen drukken de kosten maar boeten in aan kwaliteit. Anderen drukken de kosten en behouden hun kwaliteit, en tot die groep zullen wij behoren. Het product moet voor de consument altijd minstens de prijs waard blijven. Wij kunnen niet concurreren met bijvoorbeeld Marshall, waar naar verluidt 400 mensen werken. Bij Diezel werken er nu 8, en daar zijn we trots op, want het is als een familie. Maar dat houdt in dat we heel anders te werk gaan dan Marshall, op alle vlakken, van onderzoek tot distributie. Dat heeft ook een invloed op onze prijszetting.

Frankfurt Musik Messe 2010, vlnr: Peter Diezel, Peter Stapfer & A-C
Een ander gevolg van onze kleine schaal is dat we veel van onze klanten kennen: via het internet, of via sectoriële shows als de Musik Messe in Frankfurt. We kunnen met hen praten, en helpen met vragen over hun geluid. Want je kan de mensen die een Diezel in de winkel kopen natuurlijk niet allemaal tegelijk helpen. Daarom worden de versterkers verkocht met de klank waarvan wij denken dat die de meeste gitaristen zal passen. Achteraf kan er dan individueel aan gesleuteld worden: van lampenkeuze en modificaties aan het algemene timbre tot kleine aanpassingen aan bijvoorbeeld één kanaal. Peter Diezel zit ook op een aantal gitaarfora om vragen te beantwoorden. Die nazorg zit allemaal in de prijs van een Diezel. Als een klant betaalt voor een Diezel, kan hij zeker zijn van een uitmuntende service.
Reageren op dit interview kan op ons forum, klik hier om naar het desbetreffende onderwerp te gaan!
Meer info vind je op de Diezel website! |